Certificering jb/jr 2.0 behaald

‘Ieder kind blijvend veilig’ was het thema tijdens de praktijksessie die Jeugd Veilig Verder dinsdag 13 juni organiseerde in Dynamo Eindhoven voor professionals uit lokale wijkteams in Eindhoven.

Samen op de tandem

Tijdens de sessie werd ingezoomd op de werkwijze en aanpak van Jeugd Veilig Verder, van inschakeling in de preventieve fase tot en met de overgang naar ondersteuning van een gezin vanuit een gedwongen kader. Centraal daarbij stond de samenwerking tussen gezinsmanagers van Jeugd Veilig Verder en professionals uit lokale wijkteams. Samen zitten zij op een ‘tandem’ waarbij Jeugd Veilig Verder opstapt zodra een professional behoefte heeft aan extra ondersteuning inzake de veiligheid van kinderen binnen de gezinnen die zij onder hun hoede hebben.

Jordy en Donnie

Om de aanpak van Jeugd Veilig Verder nog tastbaarder te maken, liep de praktijksituatie van broers ‘Jordy en Donnie’ als een rode draad door de sessie.

Interactief uurtje

Dat de groep bestond uit ervaren, betrokken professionals, bleek wel uit de interactie tijdens de sessie. Aan de hand van vragen zoals ‘wat als een gezin niet mee wil werken’ of ‘wie houdt in de gaten of ouders zich houden aan de gestelde bodemeisen’ werd de toegevoegde waarde van Jeugd Veilig Verder afgetast. Ook werd de behoefte aan ondersteuning uitgesproken bij gezinnen waar het vijf voor twaalf lijkt te zijn en kwam het thema vechtscheiding als actueel issue ter sprake.

Na afloop gaven verschillende professionals aan Jeugd Veilig Verder zeker in te willen zetten bij gezinnen waar de volgende stap de weg naar de beschermtafel lijkt te zijn, missie geslaagd dus.

Benieuwd hoe de samenwerking met Jeugd Veilig Verder in de praktijk werkt? Professional Tineke Goudriaan vertelt over haar ervaringen met Jeugd Veilig Verder.

Een nieuwe mijlpaal voor Jeugd Veilig Verder, binnenkort gaat Jeugd Veilig Verder ook aan de slag in Centraal Gelderland. Teammanager Jan-Dick den Das over zijn nieuwe team en de eerste gezamenlijke ontmoeting.
‘De afgelopen periode hebben we een team van betrokken, enthousiaste gezinsmanagers gevormd, allemaal deskundige mensen vanuit verschillende disciplines. En ook mensen die elkaar nog nooit ontmoet hebben. Op 16 mei was de bijeenkomst waar we voor het eerst met elkaar samen kwamen. Een uniek en ook spannend moment, dit zijn immers de mensen die het moeten gaan doen in Centraal Gelderland. Ik had er al zin in maar na deze bijeenkomst nog meer. Veel energie, veel enthousiasme en passie, we gaan op naar een mooie tijd.’
 
lumens_jvv-4 JK

De Jeugdwet die sinds januari 2015 van kracht is, doet nog regelmatig stof opwaaien. Actueel is de kritiek van sommige gemeenten op de verscherpte Europese regelgeving die hen verplicht om jeugdbescherming en jeugdreclassering bij gecertificeerde instellingen aan te besteden.

Het ministerie van Veiligheid en Justitie en de VNG onderzoeken momenteel of jeugdbescherming en jeugdreclassering uitgezonderd kunnen van Europese aanbestedingswetgeving.

Is de discussie rondom de aanbestedingsregelgeving terecht? Of leidt deze slechts af van de eigenlijke vraag waar veel gemeenten mee worstelen, namelijk of de veiligheid en ontwikkeling van kwetsbare kinderen binnen het huidige beleid op de beste wijze gewaarborgd zijn?

Hoe komen we van de aanbestedingsdiscussie terug naar het gesprek over het samen inhoud geven aan de transitie van jeugdbescherming en jeugdreclassering? Hier voeren we graag het gesprek over.

 

De basis: het kind centraal

De Jeugdwet richt zich vooral op preventie en gaat uit van de eigen mogelijkheden van jongeren en hun ouders met inzet van hun sociale netwerk. Ook wil de wet jeugdhulp dichterbij gezinnen brengen. Door professionals in lokale wijkteams de mogelijkheden te geven om eerder (preventieve) hulp in te zetten en zo al in een vroeg stadium zwaardere problematiek te voorkomen. Bijkomend voordeel van vroegtijdige interventies door de juiste specialisten is de kostenbesparing die dit oplevert.

 

Meer spelers, beter voor de kwaliteit

Met de Jeugdwet heeft de overheid bewust ruimte gecreëerd voor nieuwe toetreders binnen het veld van jeugdbescherming en jeugdreclassering. De gedachte hierachter is dat meerdere aanbieders de innovatieve kracht van iedere organisatie vergroten en zorgen voor een gezonde concurrentie op kwaliteit.

Logische voorwaarde hierbij is dat nieuwe aanbieders moeten voldoen aan strenge kwaliteitscriteria om (voorlopig) gecertificeerd te kunnen worden. Dit biedt gemeenten de zekerheid dat nieuwe toetreders kwaliteit bieden. Het maakt nieuwe toetreders bovendien extra bewust van de unieke inbreng die ze moeten laten zien om mee te mogen doen. In ons geval (Jeugd Veilig Verder is een nieuwe toetreder) is dit de inzet van een bewezen effectieve methode voor duurzame veiligheid van kinderen, in combinatie met toekomstgericht werken met het hele gezin.

 

Scherp op de inhoud

De huidige Jeugdwet stimuleert het denken vanuit de behoeften van het kind. Wat heeft het kind nodig en welke hulpverlening/begeleiding sluit hier bij aan? (Preventieve) jeugdbescherming en jeugdreclassering moeten daarnaast effectief, duurzaam en kostenefficiënt zijn. Dit spanningsveld daagt gemeenten en gecertificeerde instellingen uit om kosten zoveel mogelijk terug te leiden naar de feitelijke begeleiding. Want kwaliteit kent een prijs, maar deze moet transparant zijn en goed uit te leggen.

De echte kostenbesparing zal dan ook niet gaan zitten in het vergelijken van tarieven van de verschillende aanbieders maar in de invulling die iedere aanbieder geeft aan een ‘uur begeleiding’ en het blijvende effect hiervan.

 

Aanbesteden, de enige mogelijkheid?

De huidige aanbestedingsdiscussie schept de verwachting dat gemeenten in 2018 behoudend gaan inkopen en vaker voor verlenging van de huidige contracten zullen kiezen. En dat terwijl voor ‘sociale diensten’ binnen de aanbestedingswet eenvoudigere procedures gelden. De huidige wet biedt op deze manier juist ruimte aan gemeenten om minder behoudend in te kopen.

Bovendien waarborgen de aanbestedingsregels de continuïteit van de zorg. Bijvoorbeeld: een nieuwe toetreder mag, bij gunning van de aanbesteding, professionals van de andere partij overnemen. Zo kunnen wijkteams dezelfde samenstelling behouden en wordt de continuïteit voor kinderen niet verstoord.

De vraag is zelfs of aanbesteden überhaupt verplicht is. Advocaat, toezichthouder en specialist aanbestedingsrecht Mr. Tim H.G. Robbe stelt in zijn publicatie namens Zorgvisie op 6 mei jongstleden dat gemeenten niet verplicht zijn aan te besteden maar verschillende andere opties hebben als het gaat om het organiseren van voorzieningen in het sociaal domein.

 

Praktijkervaring gemeente Arnhem

Als nieuwe toetreder heeft Jeugd Veilig Verder dit jaar o.a. in de gemeente Arnhem een aanbesteding gegund gekregen. Michiel Noordanus, Senior Bestuursadviseur voor de gemeente Arnhem zegt hierover het volgende:

‘In 2016 hebben wij voor de Regio Centraal Gelderland de aanbestedingsprocedure gestart voor de contractering sociaal domein 2017-2019. Hieronder viel ook het perceel ‘jeugdbescherming’. We hebben bewust gekozen voor een open aanbesteding. Niet alleen omdat dit wettelijk was bepaald, maar ook om onze inwoners keuzevrijheid te kunnen bieden en om de transformatie te stimuleren. Dit is ook gecommuniceerd naar de bestaande aanbieders. Alle aanbieders die zich inschreven en die aan het programma van eisen konden voldoen, zijn toegelaten.

Van gecertificeerde instellingen verwachten wij dat ze actief meewerken aan de gewenste transformatie, aan een intensieve, frisse inzet voor gezinnen met meervoudige problemen, die al jarenlang in de knel zitten. Wij willen daarbij een optimale samenwerking met de lokale toegang in de gemeenten, dat er zoveel mogelijk gewerkt wordt vanuit vrijwilligheid (draagvlak) en nog meer gebruik wordt gemaakt van het eigen netwerk en de omgeving. Wij denken dat Jeugd Veilig Verder een goede aanvulling is op de huidige GI’s. Zij erkennen juist dit doel bij uitstek door de verbinding aan te gaan met welzijn en laagdrempelig werken in wijken. Wij verwachten door de inzet van Jeugd Veilig Verder sneller resultaat te zien met de nieuwe manier van werken die we voor ogen hebben.’

 

Nieuwe toetreders, gezonde marktwerking

Blijft aanbesteden vooralsnog de enige mogelijkheid voor nieuwe toetreders om een contract met de gemeente te verwerven, dan zijn we natuurlijk voor aanbesteden. Als nieuwe toetreder die gedreven  is om tegen een transparant en fair tarief innovatieve jeugdbescherming en jeugdreclassering te bieden, hebben wij de schijn tegen in de discussie aanbesteden of niet. Maar dat zou dus niet hét thema moeten zijn.

Het gesprek zou eerder moeten gaan over hoe gemeenten, lokale wijkteams en gecertificeerde instellingen lokaal het beste vorm kunnen geven aan een jeugdbeleid waarin het kind voorop staat. Hierbij moeten we met elkaar drempels wegnemen wanneer passend beleid betekent dat een gemeente (deels) met een nieuwe aanbieder wil samenwerken. Sterker nog; een samenwerking tussen gemeente en meerdere aanbieders moet het nieuwe streven worden. Dat kan; door samen op zoek te gaan naar een vorm waarin meerdere aanbieders naast en met elkaar kunnen werken.

In eerste instantie is het goed om te kijken welke wijze van aanbesteden nu het minst belastend is voor zowel gemeenten als inschrijvende organisaties. Wij zijn bij uitstek voorstander van een proces met zo min mogelijk bureaucratische handelingen. Tijd, geld en energie moeten vooral besteed worden aan de begeleiding van gezinnen en jeugdigen die met problemen zitten.

 

Succesvolle transitie

Wij roepen alle gemeenten op om de discussie over het te voeren beleid wat betreft jeugdbescherming en jeugdreclassering niet te beperken tot een keuze tussen aanbesteden of het verlengen van de huidige contracten. Het gaat erom de transformatie vorm en inhoud te geven, door de huidige opdrachten niet zomaar tot 2019 te verlengen zonder de bovenstaande argumenten mee te wegen.

Helpt u actief mee de transitie van jeugdhulp tot een succes te maken? Onderzoek dan de mogelijkheden voor uw gemeente en ga in gesprek, met huidige samenwerkingspartners en met eventuele nieuwe partners. Kijk hoe uw gemeente op haar eigen wijze invulling geeft aan hetzelfde doel: ieder kind blijvend veilig en met een toekomst vol kansen.

Alvast bedankt, namens alle kwetsbare jeugd in Nederland.

 

Hans de Bruijn en Irma Stroet

Directieteam Coöperatie Jeugd Veilig Verder

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

ARIJ Actuarieel Risicotaxatie Instrument voor Jeugdbescherming

Lokaal wordt beter samengewerkt EINDHOVEN/HELMOND

Steeds minder Brabantse kinderen worden gedwongen uit huis geplaatst. Volgens Jeugdbescherming Brabant komt dat omdat er lokaal beter wordt samengewerkt.

HUB DOHMEN H.DOHMEN@ED.NL

Minder kinderen in de specialistische en dure jeugdzorg en zo veel mogelijk voorkomen dat kinderen gedwongen uit huis werden geplaatst. Dat waren enkele belangrijke doelen achter de overheveling van de jeugdzorg van de provincie naar de gemeenten begin 2015. Met zorgteams dichter bij gezinnen kon eerder worden ingegrepen, was de gedachte.

Informatie van Bureau Jeugdzorg, dat sinds deze week Jeugdbescherming Brabant heet, wijst erop dat dit nu zijn uitwerking krijgt in de cijfers. Sinds januari 2015 is het aantal uithuisplaatsingen in Noord-Brabant met maar liefst een kwart afgenomen tot 957 kinderen.

Specifieke cijfers over Zuidoost-Brabant heeft Jeugdbescherming Brabant niet paraat. Maar uit gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt dat in de eerste zes maanden van dit jaar de zogeheten zorgregio Zuidoost-Brabant een laag percentage jeugdbescherming heeft, waartoe deze gedwongen maatregelen behoren.

Voor een uithuisplaatsing is een uitspraak van een rechter nodig, na advies van de Raad voor de Kinderbescherming. Bureau Jeugdzorg was voorheen de (enige) aangewezen instantie om de maatregel uit te voeren. Dat verandert vanaf januari. Dan kan er in deze regio niet uit één, maar uit vier gespecialiseerde instellingen worden gekozen voor de uitvoering van maatregelen op het gebied van jeugdbescherming en jeugdreclassering. Hoewel de rechter de beslissing neemt, moeten de gemeenten het werk betalen. De 21 gemeenten in Zuidoost-Brabant hebben daartoe een budget van pakweg acht miljoen euro.

Naast Jeugdbescherming Brabant kan vanaf januari ook gekozen worden voor Jeugd Veilig Thuis (een samenwerkingsverband van de Lumens-groep in Eindhoven en Jeugdbescherming Amsterdam), de William Schrikker Groep en het Leger des Heils.

17 van de 21 gemeenten in Zuidoost-Brabant hebben de afgelopen tijd al ingestemd met de nieuwe aanpak. Gemert-Bakel, Cranendonck, Nuenen en Son en Breugel nemen vandaag een beslissing.

Bron: Eindhovens Dagblad